Om alzheimer op de kaart te zetten, bedachten wetenschappers eind vorige eeuw een slimme truc. Tot vandaag de dag zijn de gevolgen van deze zet nog steeds voelbaar.

‘Maar liefst één op de vijf mensen krijgt dementie’, informeert Stichting Alzheimer Nederland zijn kijkers op hun website. ‘Bij vrouwen is dit zelfs één op de drie. En dementie komt ook voor op jonge leeftijd.’ De stichting concludeert: ‘Daarom moeten we samen zo snel mogelijk oplossingen vinden.’ Op de homepagina staat in grote letters: ‘Voor een toekomst zonder dementie.’

Maar met die belofte, een toekomst zonder dementie, is iets aan de hand. Volgens Anne-Mei The, hoogleraar langdurige zorg en dementie, is het maar de vraag of genezing van dementie überhaupt mogelijk is. Dat zit zo.

Wetenschappers die alzheimer, een vorm van dementie, op de kaart wilden zetten bedacht eind vorige eeuw een slimme truc. Ouderen die voorheen nog ‘seniel’ werden genoemd wanneer ze verward gedrag vertoonden, waren nu ineens ‘alzheimer-patiënt’. Dat had grote gevolgen voor het tellen van de ‘zieken’: een epidemie was geboren.

In deze serie legt Anne-Mei The je uit wat voor gevolgen deze zet heeft gehad voor hoe we tegen dementie aankijken. En belangrijker: wat het heeft gedaan met onze omgang met ouderen.